Voor één keer heeft de SP volkomen gelijk: laat slachtoffers van verkrachting niet opdraaien voor de kosten
In dit artikel:
SP-Kamerlid Sarah Dobbe heeft onlangs een initiatiefnota ingediend om de medische opvang en forensische nazorg voor slachtoffers van seksueel geweld in Nederland te verbeteren. Haar belangrijkste eis: het onmiddellijk schrappen van het verplichte eigen risico voor mensen die na verkrachting een medisch-forensisch onderzoek nodig hebben. Volgens Dobbe is het onacceptabel dat slachtoffers financieel worden belast op het moment dat ze hulp en bewijs zoeken; het onderzoek moet vaak binnen zeven dagen plaatsvinden om DNA en andere sporen veilig te stellen.
Dobbe rekent voor dat ongeveer 1.600 slachtoffers per jaar met dit eigen risico te maken krijgen. Het wegvallen van die kosten zou volgens haar landelijk ongeveer 600.000 euro per jaar kosten — een relatief klein bedrag vergeleken met andere overheidsuitgaven. Naast het afschaffen van het eigen risico vraagt ze structureel meer geld voor het Centrum Seksueel Geweld voor betere mentale begeleiding en pleit ze voor uitbreiding van de capaciteit van de zedenrecherche, omdat vertragingen in politieonderzoeken vaak bewijsmateriaal en aangiftes doen verwateren.
In haar nota benadrukt Dobbe het belang van snelheid en toegankelijkheid: wie slachtoffer is mag niet worden tegengehouden door financiële drempels. Ze stelt ook dat seksuele misdrijven nog steeds op grote schaal voorkomen — naar haar zeggen ongeveer 100.000 mensen per jaar — en dat slachtoffers onvoorwaardige steun verdienen en daders harde straffen.
De oproep van Dobbe zet druk op Den Haag om prioriteiten te verschuiven: praktische en relatief goedkope maatregelen wegnemen die slachtoffers extra belasten, en tegelijkertijd investeren in hulpverlening en opsporing. De nota combineert medische, juridische en budgettaire argumenten om de huidige werkwijze als onrechtvaardig en contraproductief aan te merken.