Van vaccinaties tot vapen: waar stopt je autonomie en moet de overheid ingrijpen? Hoogleraar Brigit Toebes: 'Nederland denkt steeds beter na, nu de buurlanden nog'
In dit artikel:
Brigit Toebes, hoogleraar gezondheidsrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en auteur van het boek Dat maak ik zelf wel uit, bespreekt wanneer de staat moet ingrijpen in persoonlijke leefstijkeuzes en wanneer individuele autonomie voorrang verdient. Ze pleit ervoor elk thema apart te beoordelen: bij roken is regulering volgens haar dringend nodig omdat de schadelijkheid vaststaat; bij alcohol is de bewijslast ook duidelijk, maar een totaalverbod gaat te ver—de Gezondheidsraad komt later dit jaar met een nieuw advies. Vapen voor jongeren ziet ze als een kwestie waar veel mensen een verbod begrijpen.
Toebes schetst een gedachte-experiment: zonder overheidsmaatregelen tegen tabaksgebruik, prijsverhogingen en reclamebeperkingen zouden meer mensen ongezonde keuzes maken, zou de levensverwachting dalen en zouden zorgkosten stijgen. Ze wijst op het effect van bestaande maatregelen: roken onder volwassenen daalde ongeveer 7 procent dankzij interventies.
In internationaal perspectief merkt ze dat Nederland minder snel als betuttelend wordt bestempeld dan vroeger, maar dat buurlanden zoals Duitsland achterlopen met reglementen rond vapes, sigarettenautomaten en alcoholverkoop—waardoor EU-afstemming wenselijk is. Haar grens tussen ingrijpen en respect voor autonomie ligt bij het risico voor grote groepen (regelgeving wél) versus persoonlijke kwesties zoals abortus of beslissingen rond dementerenden (autonomie blijft cruciaal).
Concreet stelt ze beleidsaanpassingen voor: een verbod op alcoholverkoop in sportkantines, een helmplicht voor e-bikes om IC-opnames te beperken, en het afschaffen van verbruiksbelasting op niet-alcoholische dranken ten gunste van een gerichte suikertaks—een maatregel die in landen als Mexico en het Verenigd Koninkrijk al gezonder koopgedrag bevordert.