Overijsselse politiek steunt opzetten warmtebedrijf met Drenthe
In dit artikel:
De Overijsselse Provinciale Staten steunen het plan om samen met Drenthe een publiek warmtebedrijf op te richten; met 34 stemmen voor en 3 tegen gaf een meerderheid het college opdracht de oprichting voor te bereiden. Drenthe nam die stap al eerder; een definitief besluit wordt rond de zomer verwacht.
Het nieuwe bedrijf, met onder meer Energie Beheer Nederland (EBN) en regionale netbeheerders als partners, moet gemeenten helpen bij de aanleg van warmtenetten in wijken en straten. Volgens een concept-businessplan is tot 2050 bijna 6 miljard euro nodig. De aanlegkosten worden deels door het Rijk, deels door toekomstige gebruikers en deels door aandeelhouders gedekt. Overijssel overweegt in de eerste tien jaar maximaal 32 miljoen euro in te brengen; over die investering moeten de Staten nog beslissen.
Men verwacht dat circa 160.000 woningen in beide provincies via restwarmte van bijvoorbeeld afvalverbranding aangesloten kunnen worden; gedeputeerde Tijs de Bree voorziet dat ongeveer een kwart van de ruim 530.000 Overijsselse woningen op termijn aan zo’n net zit. VVD’er Jeroen Ziel reageerde dat “de kou ... even uit de lucht” is, terwijl Partij voor de Dieren-politica Mirjam Fagel waarschuwde: “Dit ruikt naar het ‘greenwashen’ van afvalverbranding.” De Bree benadrukte dat huishoudens vrij zijn om warmtenet of alternatieven zoals warmtepompen te kiezen en dat geen warmtebron op voorhand wordt uitgesloten. Ook speelt een nieuwe wet een rol: warmtenetten moeten voor meer dan 50% in publieke handen zijn, wat volgens voorstanders de kosten voor gebruikers moet drukken.