In de duiding van Yesilgöz en Albert Verlinde klinkt vooral door dat we de useful idiots van grootmachten zijn
In dit artikel:
Op tv zag columniste Dilara Bilgiç een gesprek waarin entertainmentexpert Albert Verlinde pleitte voor militair ingrijpen tegen Iran en minister Dilan Yeşilgöz instemmend knikte, met verwijzingen naar mensenrechtenschendingen door het Iraanse regime. Bilgiç vraagt zich af of zulke reflexen — morele verontwaardiging over mensenrechten die meteen handvatten lijken voor bombardementen — niet juist maakt dat we ongewild meelopen met de strategieën van grootmachten.
Ze haalt een rapport van de Amerikaanse denktank Brookings uit 2009 aan, dat volgens haar laat zien hoe de VS technieken heeft overwogen om invloed op Iran te vergroten: sancties, het aanwakkeren van binnenlandse onrust, militaire acties en zelfs logistieke plannen voor mogelijke Israëlische vluchten. Het rapport bespreekt ook framing om binnenlandse en internationale steun te winnen, en noemt het inzetten van etnische minderheden — in het bijzonder Koerden — als proxy’s. Bilgiç wijst erop dat zo’n inzet geen abstracte strategie is: als steun wegvalt, kunnen opstandelingen zonder bescherming worden afgeslacht.
Ze trekt een historische parallel met Sykes-Picot en Britse manoeuvres tijdens en na de Eerste Wereldoorlog, waarin Arabische en Koerdische leiders werden gemobiliseerd met beloften die later stukliepen op geopolitieke belangen. Die voorbeelden dienen volgens haar als waarschuwing: realpolitik reduceert mensen tot middelen voor staatsdoelen, en dat patroon lijkt zich te herhalen.
De kernvraag van de column is of journalisten, politici en publiek bij het duiden van recente escalaties voldoende rekening houden met zulke beïnvloedingsstrategieën en eigen belangen. Bilgiç suggereert dat simplistische morele frames — wie het kwaad is, wie hulp “verdiend” heeft — makkelijk kunnen worden ingepast in grotere geopolitieke plannen, waardoor goedwillende stemmen onbedoeld de belangen van grootmachten dienen. Ze roept daarmee op tot kritischer kijken naar wie baat heeft bij bepaalde narratieven en interventies.