Handige zorgcowboys profiteren van hulpbehoevenden, en onze politiek faciliteert dat

woensdag, 8 april 2026 (10:54) - Joop

In dit artikel:

Ik begeleid een alleenstaande moeder met meerdere jonge kinderen nadat de vader plotseling verdween en werd begraven. De oudste kinderen staan midden in de puberteit; de kleintjes volgen kort daarop. Of het vertrek van een ouder komt door overlijden of door een scheiding, het effect op de kinderen is hetzelfde: ze snappen niet waarom hun veilige wereld verandert en blijven allebei hun ouders even hard nodig hebben.

De moeder werkt in de zorg maar krijgt niet rond; haar inkomen wordt aangevuld met bijstand tot een niveau dat de auteur als structurele armoede bestempelt. Die schrijnende financiële situatie maakt dat professionele jeugdhulp nodig werd. Tegelijkertijd verliest de moeder vertrouwen in hulpverleners na ervaringen met mensen binnen het systeem die zakelijk, koud of opportunistisch lijken te handelen. De schrijver hekelt het huidige zorgstelsel, waarin marktwerking volgens hem ruimte schept voor ‘zorgcowboys’ die winst boven menselijkheid zetten, en waar korte lijntjes tussen politiek en bedrijfsleven dit vergemakkelijken — met name verwijst hij naar rechts georiënteerde politiek als medeverantwoordelijk voor deze verschuiving.

Toch is het verhaal niet alleen somber. De auteur vond uiteindelijk wél oprechte steun: binnen en buiten het officiële systeem kwamen mensen, ‘engelen’, die echt wilden helpen en de situatie van het gezin wezenlijk verbeterden. Dat herstelde deels het geloof in medemenselijkheid. De tekst sluit af met een reflectie op de tegenstelling tussen deze bevlogen helpers en de macht van degenen met geld en invloed: hoewel de ‘hyena’s’ misschien in de minderheid zijn, bepaalt hun kapitaal vaak de spelregels. De schrijver pleit impliciet voor het doorbreken van die oneerlijke cirkel en vraagt zich af wie het lef heeft om dat te doen.

Kortom: een persoonlijke casus als lens op bredere thema’s — kinderleed bij ouderverlies of scheiding, langdurige armoede ondanks arbeid, falende of meedogenloze zorgmarktlogica, maar ook de kracht van individuele solidariteit die het systeem niet altijd kan bieden.