Gerechtshof spreekt FVD-Kamerlid Gideon van Meijeren vrij van opruiing
In dit artikel:
Het gerechtshof in Den Haag heeft geoordeeld dat Kamerlid Van Meijeren met twee betwiste uitlatingen wel dicht tegen de strafrechtelijke grens aanzat, maar die grens niet overschreed. De zaak ging over een toespraak op 2 juli 2022 op een boerderij in Tuil (Gelderland), waarin hij volgens het Openbaar Ministerie geweld tegen de overheid rechtvaardigde als boerenbedrijven zouden worden onteigend, en over een interview dat op 13 november 2022 op Compleetdenkers verscheen, waarin hij opriep om naar het parlement op te trekken totdat de regering valt. Van Meijeren stelde eerder dat het strafrecht niet bedoeld is om politiek debat te bestraffen en noemde zijn vervolging uitzonderlijk.
Het hof vond dat zijn opmerkingen in Tuil wel de grenzen van wat toelaatbaar is opzochten, maar niet tot strafbare opruiing leidden. Ook in het interview zag het hof geen directe aanzet tot strafbare acties; Van Meijeren sprak over een vorm van verzet die volgens hem vreedzaam moest blijven, wat meewoog in het oordeel. De uitspraak benadrukt de lastige afweging tussen vrije politieke uitlatingen en het voorkomen van oproepen tot geweld.