'Correcte' taal, vooral als het uitkomt?

zaterdag, 11 april 2026 (11:38) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

In Den Haag ontstond deze week wrijving over woordgebruik en politiek geladen termen. Een door GeenStijl gepubliceerde taalgids voor ambtenaren van het ministerie van Onderwijs riep op zorgvuldiger en inclusiever taalgebruik — bijvoorbeeld preciezer regionale aanduiden en specifieker benoemen van gender en slavernijgeschiedenis — en leverde daardoor veel kritiek op. Tegelijk stond de Tweede Kamer gepland om experts te spreken over wat werd aangeduid als "de groeiende mondiale anti-rechtenbeweging", een term die in politieke kring doorgaans slaat op tegenstanden tegen gender-, lhbtqi- en seksuele rechten (waaronder abortus). Die hoorzitting werd deze week uitgesteld.

Kenniscentrum Rutgers, dat zich inzet voor seksuele gezondheid en rechten, was op de gastenlijst en pleitte in een schriftelijke bijdrage voor blijvende steun aan organisaties die abortuszorg, lhbtqi+-personen en vrouwenrechten verdedigen. Tegenstanders — waaronder prolifegroepen en politieke voormannen als oud-SGP’er Kees van der Staaij — ervaren zulke etiketteringen als stigmatiserend en als een veronachtzaming van hun opvattingen over het recht op leven.

Opvallend was dat de partijen die het debat over de ‘anti-rechtenbeweging’ initieerden (SP en D66) zich afzijdig hielden toen de omstreden taalgids onder vuur lag. De krant concludeert dat het samengaan van hypercorrecte taaladviezen met het labelen van tegenstanders als ‘anti-rechten’ alleen mogelijk lijkt als ideologische prioriteiten zwaarder wegen dan consistentie in dialoog en terminologie.