Buitenlandse matroos krijgt minder loon, kabinet blijft daarbij

woensdag, 8 april 2026 (14:07) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Het kabinet blijft vasthouden aan het zogenoemde woonlandbeginsel, waardoor buitenlandse zeevarenden op Nederlandse schepen vaak volgens het loon van hun woonland worden betaald in plaats van volgens Nederlandse tarieven. Het College voor de Rechten van de Mens noemde die praktijk discriminerend, maar minister Vincent Karremans (Infrastructuur en Waterstaat) waarschuwt in een brief aan de Tweede Kamer dat afwijken van het principe “ernstige gevolgen” zou hebben voor de Nederlandse scheepvaart.

Een recent onderzoek van Deloitte en The Hague Centre for Strategic Studies laat zien dat vooral bemanningsleden uit de Filippijnen, Indonesië en Oekraïne van het woonlandbeginsel worden geraakt. Een rekenvoorbeeld in het rapport toont dat Filipijnse matrozen meer dan het dubbele zouden ontvangen zonder het woonlandbeginsel. De onderzoekers verwachten bovendien dat 50–70% van de Nederlandse schepen zou overwegen onder een andere vlag te gaan varen als het principe vervalt, met grote kostenstijgingen voor rederijen als gevolg.

De kwestie spitst zich zo toe op een botsing tussen mensenrechten- en arbeidsnormen enerzijds en concurrentie- en economische belangen van de Nederlandse maritieme sector anderzijds.